Pinksteren: de terugkeer van God en het nieuwe verbond!

Met betoon van Geest en kracht
Pinksteren: de terugkeer van God en het nieuwe verbond!
Loading
/
Schriftlezing: Jesaja 59:19-21 - Ezechiël 36:24-28 - Marcus 14:22-26 - Hebreeën 8:6-13
Datum: 5 juni 2022
Download PDF


Met betoon van Geest en kracht
Pinksteren: de terugkeer van God en het nieuwe verbond!



Loading





/

1. Terugkeer van God

Wat vieren wij vandaag met Pinksteren? Dat is een gemakkelijke vraag, toch? Wij vieren de komst van Heilige Geest. Pinksteren is het feest van de uitstorting van Gods Geest. Ja, dat is waar. Maar vanmiddag voeg ik daar iets nieuws aan toe. Pinksteren is het feest van de terugkeer van God. God keert terug naar zijn volk met Pinksteren. Was God dan weggegaan? Je kunt immers alleen terugkeren als je eerst bent weggegaan. Inderdaad, dat was het geval. Gods glorie, Zijn heerlijke aanwezigheid had zijn volk verlaten.

Toen de Israëlieten in het OT de tabernakel gebouwd hadden, daalde de Sjechina van God daarop neer (Ex. 40:34-38). En later bij de tempel gebeurde dat ook (2 Kron. 5:2-14). God woonde temidden van Zijn volk. Maar toen het volk andere goden ging dienen en er afgodsbeelden in de tempel terecht kwamen, is de Sjechina van God weggegaan uit tempel (Ez. 10). De heilige aanwezigheid van God kon niet langer meer wonen bij Zijn volk. En de wolk verplaatst zich dan naar de berg ten oosten van Jeruzalem, de Olijfberg. Dat was de plek waar Jezus altijd ging bidden. De plek waar Hij ook in de wolk met hemelvaart opgenomen is.

Maar met Pinksteren keert deze heilige aanwezigheid van God terug naar het volk en de stad. De komst van de Heilige Geest betekent de terugkeer van God naar Israël.

Weet u waar je dat aan ziet? Aan de tekenen die erbij horen. We horen over het geluid van een geweldige windvlaag; we horen over tongen van vuur die zichtbaar zijn; en een paar hoofdstukken verder als de discipelen eenparig bidden en vervuld worden van de Heilige Geest, wordt de grond onder hen bewogen, en vindt er een soort aardbeving plaats.

Wind. Vuur. Aardbeving. Roept dat herkenning op? Het zijn de tekenen die merkbaar zijn als God verschijnt. We lezen er bijvoorbeeld over in Exodus 19, voorafgaand aan de Wet in hoofdstuk 20. Dan is er vuur, wind, dan zijn er wolken en beeft de berg. Allemaal verschijnselen die in het OT bij een theofanie horen. Een verschijning van God. Als God komt, beeft de aarde en is er vuur en rook en wind. Zo ook hier. Met Pinksteren keert God terug naar zijn volk. Dat is bijzonder. Na alles wat er gebeurd is. De ongehoorzaamheid van het volkg. De afgoderij. En weet u, wat ook bijzonder is. Gods aanwezigheid keert niet terug naar de tempel, naar het heilige der heiligen, naar een gebouw. Nee, Gods Geest komt naar de discipelen. Zij worden de nieuwe tempels. Gods Geest komt in hen wonen. Het vuur van Gods liefde komt in hun hart.

Pinksteren is het feest van de terugkeer van God. Maar ja, wat betekent dat dan? Waarom doet God dat nu op het Pinksterfeest? Daar zullen we nu bij stil staan.

2. Waarom nu?

Dat God terugkeert en Zijn Geest uitstort op het pinksterfeest is niet toevallig. Weet u waarom? Ik noem drie dingen.

a. Verbonden met Pasen.

Pinksteren is verbonden met Pasen. Er zijn in het OT drie pelgrimsfeesten. Feesten waarop de Israëliet naar Jeruzalem moest gaan. Pesach (Pasen), Shavu’ot (het Wekenfeest) en Sukkot (het Loofhuttenfeest). Het middelste feest, het Wekenfeest moet zeven weken na de start van Pesach worden gevierd. Pinksteren herinnert dus in alles aan Pasen. Tijdens het paasfeest herdacht Israël de verlossing uit de slavernij van Egpyte. God had hen gered van de verderfengel door het bloed dat op de deurposten was aangebracht. Het was een voorafschaduwing van de dag waarop de hele mensheid uit de slavernij van de zonde en de dood verlost zou worden. Met Pasen vieren wij dat Jezus het Lam van God is dat geslacht werd om verzoening van onze zonde te doen. Pasen gaat over het offer dat Jezus bracht aan het kruis en over de overwinning over de macht van de dood en de duivel. Met Pasen heeft God een nieuw begin gemaakt. En met Pinksteren komt de vrucht van Pasen: vergeving, verzoening en bevrijding zijn nu beschikbaar voor iedereen die het evangelie hoort en in Jezus gaat geloven. Pinksteren is de toepassing, de uitwerking van Pasen.

b. Eerstelingen van de oogst.

Dan het tweede. De stad Jeruzalem zit vol met pelgrims. Overal komen ze vandaan om het feest te vieren. Het wekenfeest is een oogstfeest. Aan begin ervan worden aan God de eerstelingen van de gersteoogst aangeboden; aan het einde ervan de eerstelingen van de tarweoogst. Uit dankbaarheid wordt de eerste vrucht van de oogst aan God gewijd. Nu zien we mensen die tot geloof in de Here Jezus komen. Zij zijn de eerstelingen van de nieuwe oogst. Het evangelie zal vanuit Jeruzalem de wereld ingaan. Er zal een grote oogst komen uit alle talen, volken en natiën. Hier zien we al een voorproefje van de oogst. Mensen horen in hun eigen taal spreken over de grote daden van God. En als ze tot geloof komen, ontvangen ze de heilige Geest. En de heilige Geest gaat met ze mee naar hun eigen huis en naar hun leefwereld. Zo breidt het evangelie uit, als een geweldige beweging naar de einden van de aarde. Maar er is nog iets. Het derde aspect.

c. Geschenk van de Wet.

Tijdens het pinksterfeest gedenkt Israël dat God hen de Wet, de Tora heeft gegeven. Volgens de Joodse overlevering vindt het pinksterfeest plaats op de dag dat Mozes van God de Tora ontving. In Ex. 19 lezen we namelijk dat het volk Israël, na de uittocht uit Egypte, in de derde maand bij de berg Sinaï aankwamen. Vanaf het midden van de eerste maand gerekend, was het toen dus zeven weken later, precies zoals nu bij het Pinksterfeest. Dus op het moment dat Israël het geschenk van de Wet viert, komt de Heilige Geest. Met wind en vuur. In de komst van de Heilige Geest keert God terug naar zijn volk.

Drie dingen dus: Pasen wordt toegepast. De eerstelingen: mensen die tot geloof komen. En de Wet van God. Wat hebben die drie zaken nu met elkaar te maken?

3. Het probleem van het oude verbond

Nou gemeente, heel veel. Want wat hier gebeurt, heeft allemaal met het nieuwe verbond te maken. Het nieuwe verbond dat God aan zijn volk beloofd had. Als de Geest wordt uitgestort, keert God terug naar Zijn volk en breekt de tijd aan van het nieuwe verbond. Al die oude beloften over een nieuwe verbond vinden bij het pinksterfeest hun vervulling. De tijd van het nieuwe verbond is aangebroken. En dat verbond is zo rijk en zo krachtig, dat de wereld na Pinksteren nooit meer hetzelfde zal zijn.

Dat probleem van die halfslachtigheid, dat het er zo vaak niet van komt, pakt God aan met het nieuwe verbond. Hoe dan? Nou, laat me dat duidelijk maken aan de hand van het Oude Verbond. Dat is het verbond dat God met Israël gesloten had bij de berg Sinaï. God had Israël uitgenodigd om in een relatie met Hem te stappen. Hij was de God die zich over Israël ontfermd had. Hij had het bevrijd uit de slavernij van Egypte. Hij was met ze door de Rode Zee getrokken. En bij de berg Sinaï biedt God Zich aan om de God van Israël te zijn. In in Ex. 24 lezen we over de verbondssluiting. En Israël zegt ja: ‘Alles wat de Heere gesproken heeft zullen wij doen en Hem gehoorzamen’ (2:8). Het verbond is een feit. God en Israël zijn vanaf dat moment officieel aan elkaar verbonden. Net als in een huwelijk het ja-woord van twee mensen hun relatie officieel maakt. Waarbij God en het volk natuurlijk niet op hetzelfde niveau staan. God neemt het initiatief. Hij is de heilige, de machtige God. Hij schaamt zich niet om met het kleine, zwakke en zondige Israël een relatie te beginnen.

Het oude verbond kenmerkt zich door twee dingen: de Wet en de Middelaar.

De Wet. Voordat Israël het beloofde land gaat intrekken, geeft God aan Zijn volk de Wet. Die Wet vatte samen wat God van Zijn volk verlangt. Het waren de geboden die Israël zouden helpen om bij God te blijven en om te kunnen leven als een vrij volk. Maar daar zat nu juist het probleem. Het lukte Israël niet om die Wet te houden. Steeds weer dwaalde het volk bij God vandaan en ging het achter afgoden aan.

De Middelaar. Het tweede is dat het contact met het volk altijd bemiddeld werd. God sprak tot Mozes en via de leiders. Speciale mensen die Hij daarvoor uitgekozen had. Mozes. Later koningen. Profeten. Priesters. Zij vormden de schakelt tussen God en het volk. Via hen sprak God tot hen. Zeer zelden direct tot de mensen zelf.

Als het dan fout gaat. Als het volk de Wet niet houdt en de middelaars heel vaak ook zondigen en hun eigen weg gaan, loopt het oude verbond kapot. Het functioneert niet meer. Wel vanuit God, maar niet vanuit het volk. Dat herkennen we misschien wel.

Het grote probleem van Israël en ook van ons is, dat het er heel vaak niet van komt. Dat God iets van ons vraagt, maar dat we het niet doen. Niet kunnen doen. Niet willen doen. Het niet belangrijk vinden. Het op onze manier willen doen. Het probleem dat ons hart soms zo vol is van wat we zien, van wat we graag willen doen of bereiken, van dromen en verlangens, van wat ons allemaal bekoren kan. En dat we van God vooral verlangen dat Hij ons daarin zegent. God die een rol speelt, misschien een hoofdrol, maar die we niet de regisseur van ons leven laten zijn. Dat het er dus heel vaak niet van komt.

Maar dan neemt God redenen uit Zichzelf en gaat spreken over een nieuwe verbond. God belooft het over een andere boeg te gooien. Zo komen we bij de profetieën van Jesaja 59, Ezechiël 36 en Jeremia 31. Allemaal spreken ze over een nieuw verbond. Dat nieuwe verbond is met Pinksteren werkelijkheid geworden. En daar komen wij naast Israël ook in beeld. God heeft Israël niet afgeschreven, maar gaat op een nieuwe manier met hen om. Hoe dan? Dat zal ik duidelijk maken. Het nieuwe verbond bevat 3 beloften. Drie krachtige en machtige beloften die gelden tot op de dag van vandaag.

4. Het nieuwe verbond

Wat is de kern van het nieuwe verbond?

a. Royale vergeving.

De profeten spreken over een royale vergeving. ‘Ik zal hun ongerechtigheid vergeven en aan hun zonden niet meer denken’ (Jer. 31:34). ‘Ik zal u reinigen van al uw onreinheden en van al uw afgoden’, zegt God in Ez. 36:25. Kortom: God belooft een vergeving die alles wat aan zonde in de weg staat, wegneemt en die harten reinigt. Deze belofte vindt zijn grond in het offer van Jezus. Dat offer gedenken wij bij het avondmaal. Daar spreekt de Here Jezus over het nieuwe verbond in zijn bloed. Zijn bloed dat reinigt en zonden vergeeft. Het is het geweldige offer van de Here Jezus, dat dit nieuwe verbond mogelijk maakt.

In het nieuwe verbond heeft God dus een geweldige stap gezet in de dood van Zijn eigen Zoon. Zijn lijden aan het kruis biedt een vergeving die zo groot en zo rijk is, dat niemand kan zeggen dat het niet voor hem of haar is. Geen zonde is te groot, te ernstig, te veelomvattend, om vergeving te vinden. Als je maar oprecht berouw hebt. Dat is de enige voorwaarde. Welke dingen er dus ook misgegaan zijn in het leven van iemand, er is altijd op vergeving en een nieuw begin. Niet dat de gevolgen altijd ongedaan gemaakt kunnen worden. Soms is er blijvende schade. Maar God strekt Zijn handen uit naar de grootste zondaar die met berouw tot Hem komt. Het nieuwe verbond gaat dus over een vergeving die royaal is. Vol van genade.

b. De Geest in ons.

Het tweede. God doet iets geweldigs. Op het feest van de Wet, komt de Heilige Geest. De Wet die iedereen aanklaagt en de spiegel voorhoudt. De Wet die niemand kon houden. Omdat Jezus deze Wet wel heeft gehouden en vervuld, kan de Geest komen. En de heilige Geest begint ons van binnenuit te helpen om God te gehoorzamen en Zijn wil te zoeken. In Ez. 36:27 zegt God: ‘Ik zal Mijn Geest in uw binnenste geven. Ik zal maken dat u in Mijn verordeningen wandelt en dat u Mijn bepalingen in acht neemt en ze houdt’.

Is dat niet bijzonder. Wat ons niet lukt, komt de Geest in ons doen. Hij helpt ons. Hij maakt ons vaardig om de Here te gehoorzamen. Hij legt het verlangen in ons hart. Wij hoeven de dingen nooit meer in eigen kracht te doen. Want Gods Geest zal ons helpen. Als je die ander niet kunt vergeven, of je niet kunt verzoenen, dan komt de Geest ons daarin helpen. Ik kan het niet, maar de Geest in Mij kan het wel. Zo geeft de Geest moed om van Jezus te getuigen, wijsheid in moeilijke situaties, creativiteit om je kinderen te bereiken; geeft Hij woorden van wijsheid en kennis als je voor iemand bidt; gebruikt Hij je krachtig om iemand van kwade machten te bevrijden. Niet ik, maar Gods Geest in Mij. Hij helpt Mij om de wil van de Vader te doen.

En met dat de Geest in ons komt, gebeurt er nog iets bijzonders.

c. Nieuwe intimiteit.

Er komt een nieuwe vorm van omgang met God. Vertrouwelijker. Door de Geest kunnen wij de stem van God in ons binnenste horen. Direct en zonder bemiddeling van anderen. Daarom noemt de schrijver van de Hebreeën-brief dit verbond een beter verbond. Omdat er een betere Middelaar is. Omdat er een beter offer is (eenmalig). En ook omdat de relatie met God verandert.

De woorden uit Hebreeën 8 vers 11 zijn ontroerend: ‘En zij zullen niet meer een ieder zijn naaste en ieder zijn broeder onderwijzen en zeggen: Ken de Heere; want zij allen zullen Mij kennen, van de kleinste tot de grootste onder hen’. Door het nieuwe verbond is er een vertrouwelijke omgang met God mogelijk, die niet voorbehouden is aan enkelen, maar beschikbaar voor jong en oud. De Geest is niet aan leeftijd gebonden. Iedereen kan de stem van Christus leren verstaan. Zij zullen Mijn volk zijn en Ik zal hun God zijn. Die belofte gold al voor Israël, maar nu mag dit ook voor de gelovigen uit de volkeren gelden.

5. Blijvende vrucht

Pinksteren is het feest van de inwoning van God. Dank zij het offer van Jezus komt de Geest. In het geloof mogen wij zeggen:

Ook al gaat mijn weg, door een dal van diepe duisternis heen, Uw liefde drijft de angst uit in mij. Uw Geest is bij mij, en daarom ben ik nooit meer, nooit meer alleen.

En als de golven overslaan, dan blijf ik hopen op Uw Naam. Mijn ziel vindt rust, want in de storm bent U dichtbij.

Ik ben van U en U bent van mij.

Amen.